En dan sta je na een lange reis in één van ‘s werelds meest beroemde steden: Varanasi. Het Mekka van de Hindoes. Massa’s religieuze mensen trekken hier minstens eenmaal in hun leven naartoe, als ze het zich kunnen veroorloven, om zich te wassen in de heilige Ganges. Het bruine water dat Varanasi bereikt in de brede rivier komt uit het hoge noorden van het Himalaya gebergte. De Ganges reinigt, heelt, wast zondes weg en zorgt ervoor dat je ziel schoongespoeld wordt, geloven de mensen hier. Mensen worden hier gedoopt, gewassen en verbrandt, de hele cirkel van het leven komt hier voorbij.

De rit naar het hotel is letterlijk adembenemend. De drukte, het stof, de stank en de chaos. Je hebt ogen tekort om alles op te vangen. De piepkleine straatjes en steegjes doen denken aan Venetië maar dan op z’n Indisch. Overal zijn mensen, overal is ijver, wordt gewerkt, gehandeld en gebouwd. De verkopers schreeuwen om aandacht en de rikshawdrivers zijn hier in veelvoud opzoek naar klanten. De straten van Varanasi zijn onvoorstelbaar druk. Bedelaars, invaliden, kreupelen, blinden, oud&jong zit, staat, loopt of ligt. Er is genoeg plaats voor iedereen en niemand wordt weggejaagd. Mensen mogen hier zijn. Mannen en vrouwen zonder benen duwen zichzelf met hun handen voort over de straat op een planje met wieltjes. De rijkere mensen lopen langzaam langs de kramen met souvernirs, bloemenkranzen en eetstalletjes.

Omdat de Ganges te hoog staat vanwege de vele regen is het niet mogelijk om de overledenen per vlot de Ganges op te sturen en te verbanden. Er is teveel stroming. De verbrandingen van de lichamen komen vinden nu plaats in de smalle steegjes vlak langs het water. Ik zie een grote stapel hout branden en hieromheen zitten tien mensen rustig te wachten. Het lichaam tussen het hout is ingewikkeld in witte doeken. Bijzonder en bizar. Het voelt niet goed om hier te gaan staan kijken, moeten we de mensen niet condoleren met hun verlies? Nee, we mogen kijken, juist. Hoe meer zielen, letterlijk, hoe meer vreugd, vinden ze. Tijdens de verbranding nemen ze alleen afscheid van het lichaam. De ziel is belangrijker en die zal mede door deze heilige plek snel rust vinden en op kunnen stijgen. Ook hier volstaat een korte vriendelijke hoofdwiggle als groet en als gedag of als sterkte. Het is oké.

Die middag loop ik nog even alleen door de stad. Alles is vochtig en er liggen grote plassen door het regenseizoen. De straten zijn druk, koeien en mensen zoeken hun plekje. Je moet goed uitkijken waar je loopt. Overal zijn geurtjes en de meeste onaangenaam omdat het riool hier open en bloot langs de straatjes loopt. Bij de druktste burning ghat, de rituele verbrandingsplaatsen aan de heilige Ganges, aangekomen word ik een beetje weggedrukt door de mensenmassa. Een groep touts, gidsjes die je op opdringerige manier mee willen nemen naar winkels en restaurants zodat zij daar wat aan verdienen verzamelen zich om mee heen en vragen waar ik heen wil. Aan de overkant van de straat staat een oude man met baard naar me te grijnzen. Rustig schuifelt hij naar me toe en vraagt of hij me naar een rustigere plek zal brengen. Ik bedankt hem en wimpel hem af. Hij schuifelt weer terug naar de overkant van de straat. Ik probeer me door de drukte heen te wurmen om een glimp op te vangen van wat er allemaal gebeurt daar onderaan die trappen bij de Ganges. Het is een avondritueel. Kleine kommetjes met rozenblaadjes en waxinelichtjes worden de rivier opgedreven en er wordt gezongen. Ik kijk om me heen en zie dat de oude man nog steeds naar me staat te grijnzen. Hij is echt prachtig. Donkere huid, heldere ogen, grote witte baard. Hij draagt de kleding en de kleuren van een Holy Man, iemand die in een tempelt werkt. Ik loop naar hem toe en knik om op zijn aanbod in te gaan.

[thb_gap height=”15″][thb_image full_width=”true” image=”1562″][thb_gap height=”15″]
[thb_gap height=”15″][thb_image full_width=”true” image=”1560″][thb_gap height=”15″]

‘Yes, very good, now i show you the quit place of the city.’ En dit met een onafgebroken grijns. Hij gaat voor door de smalle straatjes en hij kent deze op z’n duimpje. We klimmen langs de trappen van het water en over wordt hij gedag gezegd. We komen aan bij een klein tempeltje en hij zegt dat ik hier moet gaan zitten. Het is prachtig. Achter ons wordt zacht gezongen in de tempel en voor ons komt de klotsende rivier langs. ‘You have one problem’ zegt de man. Ik kijk hem lachend en een beetje uitdagend aan en zeg: ‘ Oh really? and you are going to tell me what that is now huh?’ Hij begint heel hard te lachen en ik mompel ongemakkelijk dat het niet grappis is. De lach van de man is niet gemeen, hij is hartelijk en oprecht, hij meent het wel goed merk ik. ‘Of course i know’ roept hij. ‘ You think to much, all times you want to think things over and over. You have to understand all elements of life go togheter, you your mind, your body, the world. Its all together and it works together. If you understand this, you will accept, if you accept, no more to much thinking.’

Ik ben onder de indruk. Het kan me niet schelen of deze man dit tegen iedereen zegt of niet. Ik voel me aangesproken en ik vind het prettig om naar hem te luisteren dus ik voel me wel op mijn gemak daar op dat plateautje bij het tempeltje. Hij gaat door met zijn gedachte over liefde en angst, over acceptatie en over mogelijkheden. Alle elementen werken samen zegt hij steeds. Dan pakt hij opeens mijn handen en hij zegt: ‘ Look in my eyes.’ Er schiet nu van alles door mee heen; dit is wel een beetje maf, wat wil deze man precies, straks vraagt hij veel geld. ‘ You seeee!’ roept hij, ‘ you think to much. dont be afraid, people will try to use you all the time, for good trust, for good time, for good body, for good money. But you know: it always works together. Trust your heart. Ik besluit me gewoon over te geven en lach. Ik ben een beetje gefascineerd door dit mannetje en hij heeft nog gelijk ook. Voordat ik voor de tweede keer naar India kwam had ik deze titel al in mijn hoofd: The necissity of surrender. Je moet je hier overgeven aan het land. Zoveel indrukken, de geurtjes, de hitte, de mensen, de regen. Je verlaat huis en haard om iets compleet anders te ervaren en voor de volle ervaring moet je je er af en toe aan overgeven. Ga je ertegen strijden, wil je het veranderen, dan wordt het vervelend. In Nederland ga je niet met vreemde mannen met baarden in tempeltjes zitten en over je hart en ziel praten. Maar waarom niet? Omdat het gek is, of ongemakkelijk. Maar dit voelt nu niet gek of ongemakkelijk. Het stomme stemmetje in mijn hoofd is eindelijk even stil en ik geef me gewoon even over aan het moment. De man is zo relaxed en zo vrolijk, het maakt hem allemaal niks uit. Hij doet zijn ogen dicht en begint een liedje te zingen. Ik voel niet de behoefte om om me heen te kijken om te zien of we niet worden uitgelachen. Het kan me ook even niks schelen. We zitten daar nog een uurtje en dan staan we op om chai te gaan drinken. Mijn hoofd zit vol met alle informatie, wijsheden en levenslessen maar ik voel me wel licht en relaxed. Waarschijnlijk gewoon door een uurtje acceptatie, geen besef van tijd en van mensen om ons heen, van chaos of van stress. Varanasi, een van de meest indrukwekkende steden in de wereld, waar het uurtje met de wijze man, Uday, zeker aan heeft bijgedragen.

[thb_gap height=”15″][thb_image full_width=”true” image=”1572″][thb_gap height=”30″]
[thb_gap height=”15″][thb_image full_width=”true” image=”1571″][thb_gap height=”30″]
(Visited 5 times, 1 visits today)